12 - Aveyron (Occitanië)

 

Aveyron ligt in de Midi-Pyrénées in de regio Occitanië op ongeveer 1100 km van mijn woonplaats. Door mij (en met wisselend gezelschap) zeker 11x bezocht. Sowieso was ik daar tussen 1970 en 2024. Met tent of tentje en heel soms met caravan hebben we op wisselende campings in uiteenlopende plaatsen gestaan. We hebben heel veel leuks en ook wat spannende dingen meegemaakt in dit 12e departement, dat uitblinkt in grote kalkstenen plateaus (Parc Naturel Régional des Grands Causses) en grootse rivieren wel of niet met kloven (o.a. Tarn, Jonte, Dourbie, Aveyron en Lot).

Om maar met die caravan te beginnen, het was in de jaren '70, dat mijn vader opeens, na jaren kamperen in een tent, een tweedehands caravan aanschafte. Het was een kleintje voor maximaal 3 personen. Mijn ouders sliepen er in en mijn 2 broertjes en ik mochten gelukkig nog steeds in een tent slapen. We noemden het kleine, oude sleurhutje Calimero. 1977: Onderweg in de Aveyron hoorden we in Séverac-le-Château (nu Séverac d' Aveyron) een gekraak achter ons. Tot onze grote schrik zagen we de onderkant van Calimero. Hij was van zijn as afgescheurd en naar achter geklapt. Gelukkig werd er al snel een goede lasser gevonden in Séverac. Later werd er nog door mijn oudste broer een ruit ingegooid met een voetbal. Het ding had nog glazen ruitjes! En mijn pa had er ook al een keer een deuk ingereden, omdat hij even vergeten was, dat er een caravan achter de auto hing, terwijl hij een heel smal straatje in reed. Na een drietal vakanties was het einde oefening voor Calimero, mijn ouders waren er klaar mee.

Vroeger reed je op de prachtige D809 door Séverac en vervolgens zakte je van de kalkplateaus af naar Millau en daarna klom je weer omhoog. Maar dan kon je heel veel pech hebben als er vrachtwagens voor je neus reden. Tegenwoordig neem je de A75 en zoef je zo langs Millau en over het gelijknamige gigantische viaduct van wereldklasse. In 2015 nam ik die D809 uit nostalgische overwegingen. Prachtige vergezichten zijn je beloning, vooral als je vanuit La Couvertoirade en La Cavalerie (beiden bekend van de Tempeliers) in het zuiden naar Millau rijdt. Millau is by the way ook een aardige, oude en gezellig drukke plaats. Het veel nieuwere, indrukwekkende viaduct van Millau is van onderen en van verre goed te bekijken via de D992 en vooral vanaf de D41 richting Peyre. Onder Millau ligt het plaatsje Roquefort-s-Soulzon en dat is echt geen mooie village, maar ze maken daar een hele beroemde blauwaderkaas. Daarom is het een moetje! We hebben een groot stuk fromage gekocht en later op camping St. Lambert even buiten Millau, aan de rivier la Dourbie, opgepeuzeld en weggespoeld met een heerlijke bijpassende zoete witte wijn. Hemels! Dank aan de vele schapen die op de Causses  lopen te scharrelen.

In de buurt van die A75 in het zuidoosten van dit departement krijgen Ste. Eulalie-de Cernon en vooral La Couvertoirade een eervolle vermelding van mij. Ik heb daar met Rob in 2024 uitgebreid rondgestruind en we zijn volledig verrast door de oude huizen, gezellige pleintjes, winkeltjes, horeca en terrasjes in deze historische Tempeliersplaatsen.

De Dourbie heeft in het oosten een heuse canyon gesleten in het kalkplateau. Maar, in al die jaren dat we in de Aveyron verbleven, kwamen we voornamelijk voor de rivier de Tarn. Deze slingert door meerdere departementen en dus ook door nummer 12. Op het stuk van Millau naar Le Rozier, dat net in Lozère (48) ligt, hebben wij veel gekampeerd. In Aguessac, Pailhas, en Mostuéjouls zetten wij onze tent op aan de Tarn. Vaak om deze verder te onderzoeken richting de Gorges du Tarn in 48. Ook in de Aveyron is heel veel te zien. Zo werden wij in het oosten verrast door het schattige Cantobre, dat als een adelaarsnest tegen en op de rotsen hangt. Ten noordoosten van Millau ligt de Chaos de Montpellier le Vieux. Grillige rotsformaties op de Causse Noir. Helaas moet je voor toegang betalen en rijdt er tegenwoordig een toeristentreintje. Zo'n treintje is funest voor mijn mooiste herinneringen, die nog Franse eenvoud, ongereptheid en avontuur bevatten. Maar toch, het kan soms ook heel handig zijn!

Het echte zuiden van 12 moet ik nog eens minutieus gaan onderzoeken, dus die moet ik even aan de toekomst overlaten. Ongeveer in het midden van de Aveyron ligt Lac de Pareloup. Een gigantisch groot stuwmeer, uitstekend geschikt voor alle soorten waterpret, maar waar 't grote toerisme nog niet echt op gang is, zo heb ik begrepen. Ten noordwesten van dit leuke meer, kwamen we bij de prefectuur van nr. 12, Rodez, aan en stuitten daar op de rivier de Aveyron. We volgden deze rivier verder naar het westen tot helemaal aan Najac. Wat een ontdekking is dàt. Ik kwam daar in 2018 voor het eerst. Wat een fotogeniek plaatsje! De weg (D39) loopt helemaal vanaf de rivier, met camping Le Païsserou, schuin naar boven naar de eerste huizen van Najac, het centrum en nog verder naar boven naar de kasteelruïne. Die hebben we uiteraard ook bezocht en vanaf de kasteeltoren heb je een overweldigend uitzicht over het dorp en de omgeving. Je mag wel een goede conditie hebben, wil je dit lopend doen. Najac is ook geschikt als vertrekpunt voor zeer vele bezienswaardigheden in de departementen er naast en er onder. In het gezellige bastideplaatsje Villefranche-de-Rouergue hebben we een grote markt bezocht. Ook altijd leuk!

In het noordwesten vonden we pelgrimsoord Conques-en-Rouergue met een enorme abdij, de Gorges du Lot, plaatsjes Estaing en Espalion. Allen ook zeer de moeite waard. Entraygues-sur-Truyère herinner ik me uit 1988. Ik stond daar in september met mijn kersverse 1e echtgenoot op een bijna lege camping aan de Truyère en daar kwam opeens een enorme rat zo uit de rivier gekropen. Ik had mijn huwelijksreis toch net iets anders voorgesteld!

Met mijn huidige partner Rob heb ik in 2015, onvrijwillig in een hotel in St. Geniez-d' Olt geslapen. Prima geslapen, dat wel en ook lekker gegeten in dit leuke plaatsje, maar de aanleiding was een pittige regenbui. Na een zonnige vakantie vertrokken we die ochtend van de camping in Millau en na 10 minuten begon het echt vreselijk hard te regenen. Maar we zaten net op de A75 en moesten naar huis. Na 21 kilometer begaven de ruitenwissers het. Niks, nada, rien! Ik kon de auto nog net de pechstrook op sturen. Je zag geen hand voor ogen, maar we hadden bijzonder veel geluk dat er een praatpaal naast ons stond. Al was die monsieur aan de andere kant van de lijn nauwelijks te verstaan, door dat regengordijn. Afgesleept naar St. Geniez-d' Olt dus, naar een plaatselijke garage. Om half 8 die avond bleek de auto gerepareerd te zijn, maar toen hadden we al ingecheckt in een hotel met restaurant en zaten we al aan het diner met een wijntje….

Eigenlijk hadden we nog wel wat meer plaatsjes willen zien, die daar langs de rivier de Lot liggen te schitteren en eindigen op -d' Olt, maar dat is er tot nu toe nog niet van gekomen. Heel raar, die plaatsjes liggen langs de Lot, maar waar komt ‘Olt’ dan vandaan? Ik kan alleen maar bedenken dat het een pseudoniem zou zijn.

Het lijkt me duidelijk: Aveyron is één van mijn favo departementen!