47 - Lot-et-Garonne (regio: Nouvelle Aquitaine)
In Agen bevind ik mij op bijna 1200 kilometer afstand van mijn Goudse résidence. Dit is de hoofdstad van departement Lot-et-Garonne en bekend om zijn pruimen en rugby. Bijzondere combi! Al lijkt zo’n rugbybal wel een beetje op een uit de hand gelopen pruim.
Dit departement wordt overheerst door de rivieren Lot en Garonne in een vlak en heuvelachtig landschap, doorregen met krijtrotsen. Langs die rivieren zijn fietsroutes gemaakt. En ook wandelende en varende toeristen doen het goed hier. Er zijn zo’n 200 kilometer aan bevaarbare waterroutes en 350 kilometer aan wandelpaden.
Het heeft een mild klimaat en de grootste boomgaarden van Europa, waaronder dus pruimenbomen. Aardbeien, kiwi’s en hazelnoten gedijen goed langs de Garonne.
In het zuiden verbouwt men ook druiven, die deze keer eindigen in flessen Armagnac, een destillaat van druiven en familie van de iets zwaardere Cognac.
Er zijn aardig wat versterkte stadjes, kastelen, molens en duiventillen te bezoeken.
Maar mooi klinkende plaatsnamen als Villeneuve-sur-Lot, Penne d’ Agenais, Nérac, Casteljaloux, Tonneins, Marmande, Duras, Monflanquin, Monsempron-Libos en Bonaguil zeggen me helemaal niets. Waarom niet? Waarschijnlijk omdat ik, werkelijk waar, nog nooit een voet in Lot-et-Garonne heb gezet. Ok, ik moet niet liegen, Bonaguil, does ring a bell, maar dat komt, omdat daar een beauté van een château staat en die zal ik best wel eens op een foto hebben gezien. En Duras heb ik voorbij zien komen op een wijnetiket (Côte de Duras), voordat er een glaasje van werd ingeschonken.
C’est tout!